Prinsjesdag zit erop. Het Belastingplan 2027 is gepresenteerd, en onderwerpen als box 3, de onbelaste reiskostenvergoeding en de heffingskortingen kregen volop aandacht. Eén technische maatregel bleef veel meer onder de radar, terwijl die wél direct doorwerkt in de belastingdruk en dus het nettoloon: de beperkte toepassing van de tabelcorrectiefactor (TCF).
Voor salarisprofessionals en elke werkende Nederlander is deze maatregel wel degelijk relevant. De TCF bepaalt in belangrijke mate hoe de grensbedragen van de belastingschijven jaarlijks worden aangepast. Groeien die grenzen minder hard mee met de inflatie, dan werkt dat direct door in het nettoloon van medewerkers.
Wat is de tabelcorrectiefactor?
Elk jaar worden de grensbedragen van de belastingschijven in de inkomsten- en loonbelasting aangepast aan de inflatie. Dat gebeurt met de tabelcorrectiefactor.
Het idee erachter is eenvoudig: stijgen prijzen en lonen door inflatie, dan moeten ook de schijfgrenzen meestijgen. Zo voorkom je dat iemand puur door het corrigeren van het loon voor de inflatie in een hogere belastingschijf terechtkomt, terwijl de koopkracht nauwelijks verandert.
Bij volledige toepassing worden de schijfgrenzen voor 100% gecorrigeerd voor inflatie. Voor 2027 bedraagt de inflatiecorrectie 2,6%; bij volledige toepassing zou de TCF dus uitkomen op 1,026.
Opnieuw een beperkte correctie
Voor 2027 wordt de TCF echter niet volledig toegepast: van de inflatiecorrectie wordt slechts 48% verwerkt in de schijfgrenzen. Bij een inflatie van 2,6% komt dat neer op een correctie van 1,248%. De TCF komt daarmee uit op 1,01248 in plaats van 1,026.
Op papier lijkt dat verschil klein, maar voor de loonbelasting is het relevant: de schijfgrenzen stijgen minder hard dan bij een volledige inflatiecorrectie.
Dit is bovendien niet de eerste keer. Ook voor 2026 werd de TCF beperkt toegepast, destijds voor 52,8% van de inflatiecorrectie. Het kabinet-Schoof gebruikte die maatregel om budgettaire ruimte te creëren voor het afbouwen van fiscale regelingen en om het verlaagde btw-tarief voor cultuur, media en sport te behouden.
Ook de beperking voor 2027 heeft een budgettair doel, dit keer gekoppeld aan de zogenoemde 'vrijheidsbijdrage'. Doordat de belastingschijven minder sterk worden geïndexeerd, valt een groter deel van de inkomensgroei binnen de hogere schijven. Dat levert de overheid extra belastinginkomsten op.
Wat betekent dit voor het nettoloon?
Het effect zit niet in een hoger belastingtarief, maar in de schijfgrenzen zelf. Stijgt het brutoloon van een medewerker bijvoorbeeld door een cao-verhoging, dan neemt het belastbare inkomen toe. Groeien de schijfgrenzen minder hard mee, dan valt een groter deel van dat inkomen in een hogere schijf.
De medewerker gaat er bij een salarisverhoging nog steeds op vooruit, maar de koopkracht stijgt minder dan bij een volledige indexatie van de schijven. Bij een inflatie van 2,6% stijgen doorgaans ook de lonen; over dat hogere inkomen wordt vervolgens belasting geheven, terwijl de schijfgrenzen maar beperkt meebewegen. Zo houdt de medewerker netto minder over dan bij een volledige correctie.
Juist omdat de tarieven zelf niet stijgen en het nettoloon nog steeds toeneemt, valt dit effect niet direct op. Het wordt pas zichtbaar bij een vergelijking met de situatie waarin de schijven wél volledig voor inflatie zouden zijn gecorrigeerd.
Voor 2027 is vooral de grens tussen schijf 2 en 3 relevant: die wordt dit jaar helemaal niet geïndexeerd. Een medewerker die door een salarisstijging over deze grens heen gaat, krijgt daardoor te maken met een hoger marginaal tarief.
Belastingschijven 2027 met volledige indexatie
- Tabelcorrectiefactor: 1,026
|
Schijf |
Euro’s |
Euro’s |
Percentage |
||
|
1 |
Tot en met |
39.894 |
36,23 |
||
|
2 |
Van |
39.894 |
tot en met |
80.465 |
38,16 |
|
3 |
Vanaf |
80.465 |
49,50 |
Belastingschijven 2027 met beperkte indexatie en bevriezen grens schijf 3
- Tabelcorrectiefactor: 1,026
- Percentage indexatie: 48%
- Gecorrigeerde tabelcorrectiefactor: 1,01248
|
Schijf |
Euro’s |
Euro’s |
Percentage |
||
|
1 |
Tot en met |
39.247 |
36,23 |
||
|
2 |
Van |
39.247 |
tot en met |
78.426 |
38,16 |
|
3 |
Vanaf |
78.426 |
49,50 |
Waarom is dit relevant voor salarisprofessionals?
De TCF is een technische parameter, maar het effect ervan is uiteindelijk zichtbaar op de loonstrook. Dat maakt de maatregel relevant bij:
- salarisverhogingen en cao-aanpassingen
- nettoloonberekeningen
- salarisvergelijkingen
- berekeningen rond indiensttreding of promotie
- vragen van medewerkers over hun nettoloon
- het verklaren van verschillen tussen verwachte en werkelijke loonstijging
Krijgt een medewerker bijvoorbeeld een bruto salarisverhoging van 4%, dan is de verwachting vaak dat het nettoloon ongeveer evenredig meestijgt. In de praktijk hoeft dat niet zo uit te pakken: naast de gebruikelijke belasting- en heffingskortingseffecten speelt ook de ontwikkeling van de schijfgrenzen een rol. De beperkte TCF is dus een van de factoren die salarisprofessionals moeten meewegen bij het verklaren van nettoloonontwikkelingen.
Ook in 2028 blijft de TCF relevant
De beperkte toepassing stopt niet bij 2027. Ook voor 2028 is al aangekondigd dat de TCF opnieuw niet volledig wordt toegepast: 75% van de inflatiecorrectie wordt verwerkt in de schijfgrenzen. Dat roept de vraag op of deze verkapte belastingverhoging een vast instrument wordt om gaten in de begroting te dichten.
Blijft de politiek dit jaar op jaar inzetten, dan ligt er nog een ander risico op de loer. Nederland kent een progressief belastingstelsel: over een hoger inkomen betaal je relatief meer belasting, verdeeld over de schijven. Worden de schijfgrenzen jaar na jaar niet of maar deels geïndexeerd, terwijl de inkomens wel blijven stijgen, dan valt op termijn vrijwel iedereen in schijf 3. Het progressieve karakter van het stelsel verliest daardoor zijn werking.
Wat moet je als salarisprofessional onthouden?
De beperkte TCF is een stille maatregel met een tastbaar effect: niet via een hoger tarief, maar via schijfgrenzen die minder hard meestijgen met de inflatie. Voor 2027 gaat het om 48% van de inflatiecorrectie, na 52,8% in 2026, en ook voor 2028 wordt opnieuw een beperkte toepassing verwacht.
Voor salarisprofessionals betekent dit vooral één ding: neem de ontwikkeling van de schijfgrenzen mee als vast aandachtspunt bij nettoloonberekeningen, salarisvergelijkingen en vragen van medewerkers, naast de gebruikelijke belasting- en heffingskortingseffecten.
Wat kan Youforce voor je betekenen?
Op Prinsjesdag rekenen onze experts van Youforce alle wijzigingen in de belasting- en loonheffing door, zodat de gevolgen voor het nettoloon snel inzichtelijk zijn. Deze berekeningen verwerken we direct in onze Salarissimulator. Daarmee kunnen payrollprofessionals eenvoudig berekenen wat de wijzigingen betekenen voor het nettoloon van hun medewerkers.
Zo heb je snel antwoord op vragen over bijvoorbeeld salarisverhogingen, cao-aanpassingen, promoties of indiensttreding en kun je medewerkers uitleggen waarom hun nettoloon anders uitpakt dan verwacht.